| Preek van de week |
|
|
||
| 4 oktober - zevenentwintigste zondag |
|
|
Lezingen:
Genesis 2,18-24
Wenst u de preken
thuis in uw elektronische postbus
te ontvangen?
U kunt
reageren
|
|||||||||
|
Sinds zowat een halve eeuw hebben we het verplichte
kerkbezoek van ons afgeschud. Wie daar nog aan mee doet, doet dat uit
persoonlijke overtuiging. En vooral: omdat men daar iets in gezien heeft.
Het heet toch dat evangelie zoiets betekent als blijde boodschap. Goed
nieuws. Er valt iets te beluisteren waardoor je opleeft, nieuwe moed
opdoet, hoopvol aan de dag begint. Wie de tekst op deze manier interpreteert bezondigt
zich aan je reinste fundamentalisme. En een kerkinstituut die haar
spelregels baseert op deze tekst, bezondigt zich eveneens aan
fundamentalisme. De vraag die we ons moeten stellen luidt: wat is het
goede nieuws dat Jezus te brengen heeft. Want de uitspraak van Jezus "Wat
God heeft verbonden zal de mens niet scheiden", betekent misschien wel
iets anders dan wat wij daar van gemaakt hebben.
Volgens de wet van Mozes was het mogelijk je vrouw
een scheidingsbrief te geven. Om te beginnen: heel de joodse wetgeving
is geschreven vanuit het standpunt van de man. Dat is iets wat in onze
huidige samenleving niet meer mogelijk is. Om maar te zeggen dat je
teksten van 2.000 jaar geleden niet zomaar kunt overplanten naar vandaag
in de westerse samenleving, ook al zouden die woorden van Jezus komen.
Maar goed: die scheidingsbrief was al een eerste inperking van mogelijke
willekeur. Er moest ten minste een reden zijn. Over welk soort reden het
kon gaan, was een punt van eindeloos gebakkelei. Is het feit dat er geen
kinderen kwamen voldoende reden? Want dat kon alleen maar aan de vrouw
liggen: ook al zoiets. Of mag een man zijn vrouw wegsturen omdat ze ziek
is of te oud of de soep laat overkoken? In elk geval een onzekere
positie voor de vrouw. Een positie van dreigende rechteloosheid.
En wat zegt Jezus? Hij komt op voor de waardigheid en
de gelijkwaardigheid van de mens. Hij grijpt terug naar het begin waarin
man en vrouw volkomen gelijkwaardig zijn. Geen van beiden kan de baas
spelen over de ander. Integendeel: ze hebben elkaar gevonden als
elkanders vis-à-vis, woord en wederwoord, vraag en antwoord.
Bondgenoot, tochtgenoot, lotgenoot. Dat wordt beeldend uitgedrukt in de
lezing uit het boek Genesis De vrouw is genomen uit de rib van de man,
dicht bij zijn hart. En hij roept uit vol vreugde: "Vlees van mijn vlees
en been van mijn gebeente". En metgezel die aan hem gelijk is: mannin.
Het hebreeuws gebruikt inderdaad dezelfde stam voor man en vrouw: ish
en isha. Zo kunnen ze elkanders hulp zijn. Mensen zijn elkaar
respect verschuldigd en Jezus constateert dat dit soms ontbreekt. Het
klinkt ook al door in de vraag die hem gesteld wordt: "Staat het een man
vrij zijn vrouw te verstoten?" Mensen zijn geen wegwerpartikelen die je
kunt afdanken als een paar versleten schoenen.
Vandaar dat de vraag dient gesteld: wat kan men door
God verbonden noemen? Waar geen oprechte zorg is voor elkaar, waar geen
wezenlijk respect is voor de ander, kan er geen sprake zijn van een
verbintenis naar Gods bedoeling. Waar sprake is van machtsmisbruik of
waar relaties enkel gebaseerd zijn op economisch voordeel of op puur
utilitaire redenen is er geen sprake van dat men daarover de naam van
God mag uitspreken. Dan is er zelfs helemaal geen sprake van een verbond.
En dat is toch de bedoeling van het huwelijk.
We weten ook dat er in de loop van een mensenleven
van alles kan gebeuren. Veel ontsnapt aan onze controle. Wat je vanuit
de grond van je hart hebt beloofd, wat je vast van plan bent je hele
leven vol te houden, kan door omstandigheden onmogelijk worden. We
kennen allemaal dergelijke omstandigheden. Wat moeten we daarmee in het
licht van Jezus’ uitspraak? Is het niet onmenselijk om iemand te dwingen
er zich toch aan te houden? Louter om juridische redenen? Is dat niet
onrechtvaardig en onbarmhartig? Als het zo fout gegaan is, is er dan nog
sprake van iets dat God verbonden heeft? Als mensen elkaar het licht in
de ogen niet meer gunnen, is dat niet goddeloos?
Jezus laat zien dat we niet lichtvaardig moeten
omspringen met zulke fundamentele kwesties. We moeten verder kijken dan
de oppervlakte. Verder dan wat handig of voordelig is. De relatie tussen
mensen is een zaak van God. Dat houdt ook in dat wij ons niet het
oordeel over relaties van anderen mogen aanmatigen. Het is niet aan ons
is om uitspraken te doen over wat God al dan niet verbonden heeft.
Is het goede nieuws dan niet dat Jezus het opneemt
voor wie in de samenleving de dupe dreigt te worden van machtsmisbruik
of van willekeur? Dat hij de diepe waardigheid van ieder mens
gerespecteerd wil zien? En dat voor hem alle mensen even veel waard zijn?
Ignace D'hert o.p.
|
| |